Mei in dikke tút
nimme wy ôfskie
Friesland Campina
4 min leestijd
Industrie / marktgebied
VoedingsmiddelenindustrieMet een dikke zoen nemen we afscheid.
Aan de Merodestraat in Leeuwarden rolden jarenlang blikjes gecondenseerde melk van de band. De fabriek hoorde bij de stad. Als werkplek voor generaties medewerkers, als herkenbaar gebouw langs het spoor en als productielocatie met een geschiedenis die teruggaat tot 1913, het jaar waarin de Coöperatieve Condensfabriek werd opgericht.
Vanaf 1919 werden producten uit Leeuwarden wereldwijd gedistribueerd. Naar onder meer het Midden-Oosten, Azië, Noord- en Zuid-Amerika en Afrika. Wat aan de Merodestraat werd gemaakt, vond zijn weg naar keukens, winkels en koffiekopjes ver buiten Friesland.
Met de laatste productie van gecondenseerde melk in Leeuwarden Noord komt een belangrijk hoofdstuk tot een einde. Voor die laatste blikjes hebben we een speciaal etiket ontworpen voor onze opdrachtgever FrieslandCampina. Geen verpakking voor het schap, maar een blijvende herinnering aan de plek waar het product zo lang werd gemaakt.
Een historisch etiket als vertrekpunt
In het ontwerp speelt het allereerste etiket van gecondenseerde melk voor het merk Friesche Vlag een hoofdrol, waarop een lijntekening stond van een boerin die een stier kust. De stier geeft zelf geen melk, maar zonder hem geen nieuwe generatie koeien. Dat beeld werd het vertrekpunt voor het nieuwe label. Niet als letterlijke herhaling van vroeger, maar als gebaar dat precies past bij dit moment. Een kus als afscheid.
Daaruit ontstond de Friese regel op het blikje: “Mei in dikke tút nimme wy ôfskie.” Een zin die het sentiment van het moment vangt zonder het groter te maken dan het is.
De fabriek in lagen
Het etiket laat het exterieur van de fabriek door de jaren heen zien. Ook de herkenbare gouden letters van de Coöperatieve Condensfabriek Friesland, historische beelden, de productielijn en de blikjes zelf kregen een plek in het ontwerp. Zo ontstaat geen nostalgische terugblik, maar een gelaagd beeld van de locatie. De fabriek als gebouw. Als werkplek. Als productiepunt voor een internationaal merk. En als plek waar meer dan een eeuw zuivelgeschiedenis zichtbaar samenkomt.
Voor het concept zijn eerst verschillende richtingen onderzocht. Sommige legden de nadruk op historie, andere op trots, het product of het moment van de laatste batch. In het uiteindelijke ontwerp zijn die elementen samengebracht tot één verhaal: herkenbaar, respectvol en dichtbij.
Niet voor het schap, maar voor later
De laatste blikjes zijn gemaakt als presentje voor de medewerkers. Voor ons een bijzonder project om aan bij te dragen. Niet omdat het groot moest worden, maar omdat het precies moest kloppen. Voor de opdrachtgever, voor de historie van de locatie en vooral voor de mensen die dit verhaal hebben gemaakt.
Ook een merk bouwen dat van binnenuit klopt én naar buiten overtuigt?
Laat van je horen. We denken graag met je mee.
